English translation

Mali

18-9-'11

Pays de Dogon

Zittend op een grote rotspartij kijken we neer op het dorpje onder ons. De zon is aan het ondergaan, dit maakt de zandkleur nog wat intenser. Beneden uit het dorp klinkt het gemekker van de geiten en het gekakel van de kippen. Ritmisch stampen de vrouwen het maismeel fijn met grote houten stampers. De hitte van de dag begint een beetje weg te trekken. Mijmerend bedenken we ons dat als iemand 1000 jaar geleden op dezelfde rots had zitten kijken, hij waarschijnlijk exact hetzelfde beeld kreeg als wij nu.
De stem van de gids haalt ons weer terug naar de 21e eeuw. We staan op en vervolgen onze trektocht door het Dogon-gebied wat alleen te voet te bereiken is.

19-9-'11

Moordpartij

Schreven we in een vorig reisverhaal nog dat we dachten van onze ongewenste passagier af te zijn, de werkelijkheid is helaas anders. De nacht nadat we een compleet muizennest hadden opgeruimd hoorden we weer geknaag.
We hebben al 2 weken slecht geslapen en elke morgen vinden we ergens in de bus weer een nieuw spoor van vernieling. Tegenwoordig slapen we zelfs met de map met belangrijke documenten onder ons hoofdkussen. Het nieuwste wapen in de guerrilla die we zijn gestart, zijn 2 enorme muizenvallen. Elke avond bereiden we de meest culinaire schotels om op te dienen voor de muis, helaas zonder enig resultaat. Tot vannacht dan...

'Klaboem', klinkt er en Marlous schrikt wakker. Ze geeft Gerard een por en gilt, “de val is afgegaan”. Gerard gaat zitten en kijkt om zich heen. Aangezien hij zonder bril niet zoveel ziet, moeten we eerst op zoek naar de bril. Dan aanschouwt hij de muis die alleen aan het puntje van zijn lange staart aan de val vastzit en zegt de inmiddels legendarische woorden, “maar ik moet eerst plassen”. Dan dringt het tot hem door dat de muis echt niet op hem gaat zitten wachten. Hij grijpt de Maglite en begint onder luid gejuich aangemoedigd door Marlous op de muis in te rammen. Marlous heeft inmiddels de bus door de achterklep verlaten (de held). Na een laatste stuiptrekking, meten we de muis op. Zonder staart is hij wel 20 cm lang. Dat is wel iets groter dan de huismuis die we hadden verwacht. Morgen kunnen we eindelijk definitief de ravage die dat beest heeft aangericht opruimen. We schatten de totale schade die hij heeft aangericht in 3 weken op ruim 100 euro.
Het is dat we de muis hebben gemeten want in de volgende dagen wordt hij natuurlijk hoe langer hoe groter in onze gedachten. De volgende dag zijn we er bijna van overtuigd dat we hem met 2 personen uit de bus moesten tillen. Zo groot was hij! We wisten niet dat we zo moordlustig konden zijn.

20-9-'11

Djenne

Het is een markt waarbij je het gevoel hebt dat de Karavanen van weleer uit de Sahara hier heden ten dage hadden kunnen aankomen zonder dat ze daarbij het idee zouden hebben dat er iets veranderd zou zijn. We kunnen nog net opzij springen als er een jongetje met een zware houten kar langs komt rennen.
De grote markt in Djenne is zowel voor ons als voor het hele gebied rond Djenne een hoogtepunt. Hij wordt elke week gehouden op het eiland in de Bani rivier en trekt immens veel bezoekers. De nauwe straatjes zijn eigenlijk niet gebouwd op autoverkeer en we voelen ons dan ook alsof we met een autootje gebouwd van Duplo-blokken rondrijden in een Lego-dorpje.

De volgende dag verlaten we Djenne weer met een veerpont. Nog even kijken we achterom naar het dorp wat er uitziet als Zandvoort tijdens de jaarlijkse zandkasteel-dagen. Maar om eerlijk te zijn ademen we weer opgelucht dat we weer wat meer ruimte om ons heen hebben.
Onderweg moeten we even stoppen bij een Cholera-checkpoint. Voor ons zien we een hele bus uitstappen. De mensen lopen door een zompige bak en moeten hun handen wassen onder een stroompje waar je volgens ons eerder Cholera van zou krijgen dan dat het voorkomt. Snel toveren we een fles met hand-desinfectie tevoorschijn en gieten het voor het oog van de politieagent over onze handen. Hij ruikt aan Gerards handen en knikt goedkeurend. Gierend van het lachen rijden we weer verder. Dit kan alleen in Afrika.