English translation

Zuid Afrika deel 3

3-5-'10

Gastvrijheid

"Heb je al een plek om te overnachten?" Klinkt er met een onmiskenbaar Noord-Hollands accent als we terug komen van het strand. We kijken elkaar aan en zeggen nee.
Zo komt het dat we die avond nadat we uit eten zijn geweest, op zoek gaan naar een villa in een buitenwijk van Kaapstad. Als we de straat in rijden zien we aan het einde een grote DAF-reis-truck op een oprit staan. Dat moet de plek zijn. We bellen aan en de Hollander die ons uitnodigde opent gastvrij de poort. Zijn vriendin komt ook al aanlopen en we stellen ons voor. Nadat we ons kleine gele busje naast de grote oranje DAF-truck hebben geschoven lopen we mee naar binnen. In de woonkamer van de prachtige villa vertellen Gonnie en John dat ze nu al 2 jaar van huis zijn en dat ze niet van plan zijn om terug te keren. Dit huis is een tussenstop. We moeten er weer even aan wennen om in een echt huis te zijn. Maar al snel komt het gesprek onder het genot van een wijntje en een biertje goed op gang. Omdat de DAF truck in de afgelopen 2 jaar de hele West kust van Afrika heeft gezien, zuigen we alle informatie die we krijgen als een stel sponzen op. Het is grappig om te merken dat we met een stel wildvreemden door de gezamenlijke reis-interesse een avond hebben waarbij het gesprek geen moment stil valt. Aan het eind van de avond is het alsof we elkaar al jaren kennen.

Als we eindelijk het bed van de bus in duiken, bedenken we ons hoe fijn het is om weer eens een hele avond in het Nederlands te kunnen praten. Je kunt toch meer en sneller informatie uitwisselen. Maar we beseffen vooral dat we in Nederland een soort humor hebben die we nog niet veel zijn tegengekomen buiten Nederland. Volgens ons bestaat er echt zoiets als typisch Nederlandse humor.

5-5-'11

Busloos

Het moest er toch een keer van komen. Het grote onderhoud aan de bus valt niet langer uit te stellen en bovendien is Kaapstad met zijn vele goed uitgeruste garages de plek om dat te doen. De fuseekogels en de achterbanden moeten worden vervangen. Jammer genoeg gaat deze klus 2 volle dagen duren. Omdat we de bus dus even kwijt zijn huren we een huis in Kaapstad. Een uur na aankomst bij de bungalow hebben we de bus geheel leeg gehaald. We voelen ons bijna verhuizers. Als we de enorme berg spullen in de huiskamer zien staan begrijpen we niet hoe dit ooit allemaal weer in de bus moet gaan passen. Voorlopig maken we ons daar maar geen zorgen over en genieten we van de ruimte die dit enorme huis ons biedt.
Twee dagen later volgt eindelijk het verlossende telefoontje. De bus is klaar! Vanaf het moment dat we het belletje hebben gekregen kan Gerard niet meer stilzitten. Hij vraagt zich in spanning af of ze bij de garage goed werk hebben geleverd?
Eenmaal met de bus terug bij het huisje kruipt hij er meteen onder. Helaas moet er al snel een lijst bijgepakt worden om alle slordigheden te noteren. Een fuseehoes zit niet goed gemonteerd, een vetnippel is beschadigd, 2 ventieldopjes missen, er zit een brandplek in de lak en het reservewiel zit zo vast dat die onmogelijk met handgereedschap is los te maken. Hoe meer mankementen er boven komen hoe driftiger Gerard wordt. Nadat hij een beetje afgekoeld is doen we een telefoontje naar de garage. Gerard geeft ze een gecensureerde versie van zijn mening en het bedrijf belooft ons alles op te lossen
Deze keer blijven we er wel bij. Dit gebeurt ons geen 2e keer denken we bij onszelf. Gerard volgt de monteurs als een schaduw en Marlous neemt met de laptop plaats op een autobrug om aan de website te werken. Nadat Gerard elke beweging op de voet heeft gevolgd en zich met van alles heeft bemoeid is al het werk eindelijk correct gedaan. Tenminste dat denken we. We hebben dan nog geen weet van het naderende onheil en rijden uitgelaten weg van de garage.

Nu de bus klaar is besluiten we een telefoontje naar de dame te doen die ons Angolese visum aan het regelen is. Terwijl Gerard aan de telefoon zit, ziet Marlous hem steeds vrolijker kijken. Als hij neerlegt hoeft ze het niet eens te vragen. Onze visa zijn gereed en we kunnen ze afhalen.
Eindelijk kunnen we na 3 weken vastgezeten te hebben in Kaapstad weer op pad. Met onze gestempelde paspoorten en de gerepareerde bus zijn we er weer helemaal klaar voor om weer op reis te gaan!

6-5-'11

Pechvogel

Om Namibie in te komen met een hond heb je een permit nodig. Dus brengen we bij het verlaten van Kaapstad een bezoekje aan de dierenarts.
Vrolijk maken we een babbeltje terwijl ze Bronco onderzoekt. Maar na een paar minuten merken we opeens dat de dierenarts niet meer gezellig terug praat. Ze kijkt ons aan met en blik die niet veel goeds voorspelt. Nogmaals bevoelt ze Bronco en dan zien ook wij dat hij ineenkrimpt van de pijn. "Zijn prostaat is enorm", zegt ze bezorgd. Ze legt uit dat met onze reis door (dierenartsloos) West Afrika voor de boeg een operatie de enige oplossing is. Bedrukt zeggen we dat we dat dan maar moeten doen en maken een afspraak voor de volgende dag. Voordat we vertrekken maakt ze nog wel de verklaring voor Namibie in orde, we zouden bijna vergeten waar we ook alweer voor kwamen.
De volgende ochtend is Bronco om 8.00 uur aan de beurt. Ondertussen wachten we op de camping. Nadat we een telefoontje krijgen dat alles goed is gegaan kunnen we de patient weer ophalen. Bij het zien van ons wil er nog net een zwakke kwispel vanaf maar bij de balie zakt Bronco al weer uitgeteld op de grond vanwege de narcose. We betalen een fractie van wat we in Nederland voor dezelfde ingreep zouden betalen en lopen met de zwalkende hond de deur uit. Die dag doen we het verder rustig aan met ons reismaatje die er uitziet als een drugsverslaafde met een overdosis. Hoewel het lijkt alsof we nooit weg komen uit Kaapstad wachten we geduldig af tot de hond weer opgeknapt is.

8-5-'11

Dubbele reparatie

In een verlaten landschap wat ons het meest doet denken aan het wilde westen uit een film rijden we richting Namibie. Eindelijk zijn we ontsnapt uit Kaapstad. Je verwacht hier bijna achter een heuvel vandaan een eenzame cowboy te zien verschijnen. Maar er verschijnt niks en urenlang komen we niemand tegen.
Gerard doorbreekt de stilte met de woorden "de bus trekt enorm naar links". Na een aantal keer het stuur loslaten belanden we bijna in de berm. De conclusie is snel getrokken. De tweede keer dat de bus in Kaapstad uit elkaar moest omdat de fusee-hoezen niet goed waren gemonteerd hebben ze hem verkeerd uitgelijnd. We razen even uit over de prutsers van de garage in Kaapstad maar dat helpt ons op dit moment niet veel. Als Marlous bij de volgende stop ontdekt dat Bronco als een ware Houdini zijn operatiewond heeft bevrijd van de hechtingen is de stemming helemaal tot het nulpunt gezakt. Zo'n verlaten landschap is leuk maar als de dichtstbijzijnde stad nog 400km weg is terwijl je op 2 fronten hulp nodig hebt dan baal je als een stekker. Na telefonisch overleg met de dierenarts besluiten we de wond van Bronco morgen bij een veearts in het kleine stadje Springbok te laten zien. In het donker draaien we vermoeid van het zware sturen een camping in Springbok op. Alle hoop is op morgen gericht.

Soms zit het mee, soms zit het tegen, maar de ochtend erop zit het in ieder geval allemaal mee. Om 11 uur 's ochtends zijn zowel de bus en de hond opgelapt door respectievelijk de garage en de veearts. We betalen de beide mannen toevallig exact hetzelfde bedrag en we kunnen weer op pad.
Marlous krijgt de neiging om luidkeels 'Hit the road Jack' te gaan zingen maar gelukkig voor Gerard houdt ze zich in bedwang. In een humeur wat een stuk beter is dan de dag ervoor rijden we op de grens van Namibie af.