English translation

Mozambique

3-3-'11

Dagelijkse dingen

We rijden ondertussen alweer 3 dagen rond in Mozambique, zonder dat we ook maar een cent van de lokale munteenheid op zak hebben. Tot nu toe hadden we ook niet veel kunnen uitgeven, want in de dorpjes hier in het noorden wordt er ook niet zo heel veel te koop aangeboden. Inmiddels is de benzinetank bijna leeg en ook de jerrycans zijn opgebruikt, hoog tijd om geld op te nemen zodat we kunnen tanken dus. Gelukkig is er een bank met een geldautomaat in het eerste stadje dat we na 500km over Mozambikaanse wegen tegenkomen. Vol goede moed duwen we er een geldpas in maar de automaat spuugt hem vrolijk weer uit. Ook pas nummer 2 en 3 ondergaan hetzelfde lot. We besluiten dan maar te proberen of we binnenin de bank geld kunnen opnemen. Bij de deur staat een gewapende bewaker die de deur stijf dichthoudt. Ondanks dat de hele bank nog vol klanten staat mogen we er niet meer in omdat het kantoor gesloten is, bovendien moeten we maar buiten pinnen zegt hij. We zuchten en zeggen dat dat juist niet mogelijk is. Maar hij is onvermurwbaar. Morgen om 8 uur zijn we weer open.
De volgende ochtend doet Gerard een nieuwe poging maar de pinautomaat werkt nog steeds niet mee. Binnen wordt er weer gezegd dat we buiten moeten pinnen. Weer melden we dat het buiten niet werkt. Uiteindelijk sluit Gerard maar achteraan in een lange rij aan om een paar Euro's te gaan wisselen. Als hij na een uur eindelijk aan de beurt is vult de baliemedewerker uiterst nauwgezet een formulier in waarmee hij in de volgende lange rij mag aansluiten. De baliemedewerker van deze rij heeft letterlijk een kwartier per klant nodig, dus het is nog even wachten geblazen. Na nog ruim 2 uur wachten neemt de hij eindelijk het formulier van de vorige balie aan en schrijft vervolgens alle info over op weer een ander papier. Gerard werpt een veelbetekenende blik op het moderne kopieerappaat achter de man maar besluit dat kritiek op het systeem zijn behandeling vast niet gaat versnellen. Nadat Gerard eindelijk zijn Euro's mag overhandigen maakt de medewerker kopie├źn van de voor en achterkant van elk van de eurobiljetten. Het moet niet gekker worden zie je Gerard denken. Als uiteindelijk ook de baas van de bank zijn goedkeuring heeft gegeven mag Gerard, na bijna 4 uur, de Mozambikaanse Metacais in ontvangst nemen. We hebben allang spijt dat we niet veel meer geld in 1 keer zijn gaan wisselen en verzuchten dat het geld wat we nu in de handen hebben in Nederland waarschijnlijk sneller verdiend is dan dat we het hier kunnen opnemen.
Als we om 2 uur 's middags eindelijk op pad kunnen om richting de volgende kustplaats te rijden worden we na twee kilometer alweer gestopt bij een van de vele politiecheckpoints. We weten ondertussen al wel waar het op uitdraait en kijken gelaten voor ons uit. Terwijl agent 1 vraagt om het rijbewijs loopt agent 2 als een aasgier rond de auto te cirkelen. Het is altijd weer interessant wat ze nu weer vinden om ons een "boete" voor te geven. Ondertussen wijzen we agent 1 op het feit dat alle papieren inclusief het rijbewijs op de voorruit zitten geplakt. Hij gebaart dat hij het rijbewijs vast wil houden maar we doen alsof we hem niet begrijpen. Als hij hem eenmaal vast zou hebben zou het zeer waarschijnlijk een 'je geld of je rijbewijs' spelletje worden en daar doen we helaas voor hem niet aan mee. Hij berust erin en bekijkt de papieren gewichtig. Goedkeurend tikt hij met zijn wapenstok op ons nep-rijbewijs, op onze gecopieerde autopapieren en op onze groene kaart waarop 1 van onze reisvrienden alle Afrikaanse landen heeft bijgestempeld. Het duurde even maar intussen heeft agent 2 wat gevonden. Hij tikt op onze getinte achterruiten en zegt met een stevige alcohol walm in het Portugees dat dat verboden is in Mozambique. Plots spreekt Gerard die zojuist nog in het Portugees met agent 1 sprak geen woord Portugees meer. Dit detail ontgaat de agenten gelukkig. Ze proberen nog even te zwaaien met wat bedragen maar als Bronco even voorin komt kijken waar al die commotie om te doen is gebaren ze dan dat we mogen doorrijden.
We hebben nog 2500 km en enkele tientallen checkpoints te gaan in Mozambique, er is dus tijd genoeg om onze act te perfectioneren. Van andere reizigers horen we dat de politie het bij hen probeerde met de vraag of ze 3 brandblussers hadden, dat alleen de eigenaar de auto mag besturen en dat ze nadat ze aan de kant werden gedirigeerd niet richting hadden aangeven. We vervolgen onze weg en worden 50 km verderop weer gestopt. We voeren een herhaling op van ons toneelstuk waarbij we kleine veranderingen in het script doorvoeren. De opkomst van Bronco vervroegen we iets en Marlous kijkt zo mogelijk nog een beetje verveelder op de kaart alsof we helemaal niet zenuwachtig worden. De kleine aanpassingen vallen in de smaak en we mogen nog sneller weer doorrijden.
Het winkelen hier is ook erg vermakelijk. Hoewel er in de grotere stadjes altijd wel iets zit wat voor een supermarkt kan doorgaan is dat in de buitengebieden wel anders. Vandaag rijden we alleen maar door kleine nederzettinkjes waar de lokale schooltjes gewoon les krijgen in de schaduw van een grote boom. Wij stoppen bij een jongen die voor zijn hut een tafel heeft staan waarop hij uiterst creatief al zijn winkelwaar heeft uitgestald. Als we uitstappen komt al snel de hele familie aanlopen om te helpen. Het niet zo uitgebreide assortiment bestaat uit: zeep, koekjes, bier, gin en zakjes snoep. We vinden het ook sneu om niks te kopen en zoeken wat dingen uit. Een vrouw die met haar ene hand net haar blote borst in een babymondje hangt stopt met haar andere hand behendig de spullen in een zakje. Ondertussen breekt de rest van de omstanders zich het hoofd er over hoe ze ons het wisselgeld van een biljet met een waarde van ongeveer 5 euro moeten teruggeven. Als ze het uit meerdere hutjes bijeengesprokkeld hebben leggen we de boodschappen in de bus. Nadat we door de hele familie zijn uitgezwaaid, rijden we weer een stukje verder.
Wildkamperen laten we hier meestal maar uit ons hoofd omdat Mozambique vanwege een burgeroorlog tot een paar jaar terug, vol lag met landmijnen. In 1998 is er een hele grote opruim actie geweest, maar we hebben geen zin om in een afgelegen gebied op een onontdekte mijn te stappen. Nadat we het derde plaatsje inrijden waar we niks om te overnachten zien besluiten we maar aan te kloppen bij een missiepost. Aangezien we worden verzocht de volgende ochtend het gastenboek te komen tekenen zullen we vast niet de eersten zijn die dit hebben bedacht. Als we later die avond onze overheerlijke feta met olijven salade zitten te eten komen er 3 studenten die op de missiepost voor missionair leren aanlopen. 1 van hen heeft een prachtige peuter op zijn armen. We maken kennis met hen en vragen naar het meisje wat de jongste op de arm heeft. Dit meisje is van het dorp Nampula zegt degene die het beste Engels spreekt. We moeten er even over nadenken maar hebben het dan door. Dit is 1 van de vele Aidswezen die het land telt. In een boekje lezen dat 1 op de 7 Mozambiquanen HIV positief is, is 1 ding, maar zo'n beeldschoon 3-jarig meisje zien waarvan je vrijwel zeker weet dat zij het ook is, is heel wat anders. Als de heren weer verder lopen smaakt onze luxueuze salade opeens een beetje bitterder.

8-3-'11

Het perfecte muggenmiddel

Enkele dagen later strijken we voor de nacht neer op het land van een Portugese boer. Het landgoed van Fernando Ferreira beslaat zo'n 550 hectare. Als bijverdienste heeft hij een stukje camping maar we krijgen al snel het idee dat het hem meer om het gezelschap dan om het geld gaat. 's avonds schuiven we aan in het restaurant waar we het gevoel hebben dat we opeens in Portugal zijn beland. We bestellen wat van het menu waarvan alles van eigen land komt inclusief het vlees. Voor we het weten staan er stokbrood en kwarteleitjes op tafel. Als het eten op is schenkt de boer een glas heldere vloeistof in. Tegen de muggen wordt erbij gezegd. Als we voorzichtig een slokje nemen brand het in onze keel. Hij deelt ons mee dat het een zelfgestookte drank is. En als hij doorkrijgt dat we het best smakelijk vinden steekt hij pas echt van wal en laten we het praten maar aan hem over. We komen er toch niet meer tussen. Terwijl we van glas nummer 2 genieten stellen we ons een beeld voor van een kelder met een illegale destilleerketel. Dan vraagt hij of we zin hebben om even in 'the factory' te gaan kijken, hij moet er zelf toch nog even naar toe om nog wat werk doen. We stappen in zijn auto en bedenken ons dan dat de man een promillage moet hebben waarmee je in Nederland allang niet meer zou mogen rijden. Desalnietemin overleven we de rit over het landgoed. Aangekomen bij 'the factory' blijkt het keteltje uit onze gedachten in werkelijkheid een gigantische destillatie-installatie te zijn waarmee hij 1500 liter bananen likeur per dag brouwt. De hele installatie is door hemzelf ontworpen en gebouwd. We weten niet wat we zien. Nadat het hele brouwproces vanaf banaan tot botteling is doorgenomen ratelt de boer door over het leven hier. Zijn hele levensloop passeert de geschiedenis en hij is niet zo heel positief meer over de Mozambikaanse arbeidsethos. Ondanks dat we het met veel denkbeelden van hem totaal niet eens zijn is het wel boeiend om te horen hoe een Portugees hier gedurende de onafhankelijkheidsperiode en een burgeroorlog heeft kunnen blijven zonder van zijn land gezet te worden. Blijkbaar had men toch wel door dat de boerderij met koeien, varkens, kwartels en fruit veel werkgelegenheid verschafte. In de auto laten we onszelf ondertussen niet meer zo heel erg helder van geest in de stoelen zakken. Als we terug komen bij het huis staat er een grote Caipirinha, uiteraard van zijn eigen likeur, op ons te wachten. Deze is wederom goed tegen de muggen. We beginnen er zelf bijna in te geloven. Hij smaakt erg goed maar als we teruglopen naar de bus zijn we er zeker van dat de terugweg naar de bus langer was dan de heenweg. >

16-3-'11

Je weet dat je ver weg van Nederland bent als: