English translation

Egypte deel 2

28-11-'10

Vosjes in de Westelijke woestijn

Het is half vijf 's avonds, de zon heeft zijn daling naar de horizon al ingezet. We zitten hier op een kleine verhoging in de woestijn, waar we ons 4e woestijn kamp net hebben opgeslagen. De afgelopen dagen gaven ons een hoop meer variatie dan dat we hadden verwacht. De woestijn die in onze gedachten een grote zandbak was, blijkt iedere 50 kilometer een ander gezicht te hebben. We reden door met klein zwarte steentjes bezaaide heuvels, we doken valeien in, we zagen zandduinen en we sliepen tussen de tientallen meters hoge witte rotsen. Door de westelijke woestijn loopt 1 asfaltweg in een grote boog van ongeveer 1500 km. De weg is de verbinding tussen een aantal grote oases. Omdat we na de drukte van Cairo toe waren aan wat rust gebruiken we de oases alleen om onze voorraden en ons brandhout aan te vullen en kamperen we midden in de woestijn. Maar dit laatste is vaak makkelijker gezegd dan gedaan. Om de weg begaanbaar te houden ligt deze naar Nederlands model op een soort dijkje, op de meeste plaatsen ongeveer een meter boven de omgeving, met een steile rand naar beneden. Onderweg kwamen we zelfs bulldozers tegen om de weg een handje te helpen in zijn strijd tegen het zand. Ook vandaag kostte het ons met onze 2 wiel aangedreven bus flink zoeken om een begaanbaar afritje te vinden. Als we eenmaal van de weg af zijn dan laten we de banden leeglopen om meer grip te krijgen op de af en toe mulle ondergrond. Komen we toch vast te zitten dan is het graven geblazen, dit zijn de momenten waarop Bronco het meest in zijn element is. Vol enthousiasme graaft hij de banden van de bus vrij zodat de rijplaten er onder kunnen. Zo rijden we zo ver de bus het toelaat de woestijn in om een mooie beschutte plek voor de nacht te vinden. Zaken als voldoende drinkwater, brood voor het ontbijt en zelfs af en toe een wasje doen zijn niet zo vanzelfsprekend als thuis. Zo hebben we gisteren ons eerste eigen brood op een houtvuurtje gebakken en is vandaag de was aan de beurt. De laatste hangt nu achter de bus aan een geimproviseerde waslijn te drogen in de warme avondzon.
Terwijl we naar de zonsondergang kijken en deze proberen vast te leggen op foto en film, begint Bronco plotseling te blaffen. Als de hond aanslaat zijn wij altijd even op onze hoede maar dan zien we dat hij een nieuw speelkameraadje op het oog heeft. Een grijs vosje duikt net weer weg achter een heuvel. We verbieden Bronco om zijn nieuwe maatje op te jagen en maken het eten klaar. Inmiddels is het donker geworden. Als we zitten te eten zien we in het schijnsel van de lamp telkens 3 paar oogjes reflecteren om vervolgens weer te verdwijnen achter de heuveltjes. Soms durven ze even dichterbij te komen. Een bijzonder gezelschap in de verder geheel lege woestijn.
De volgende morgen zien we hun voetstapjes rond de etensbak van Bronco staan. Bronco besnuffelt zijn bak wel 5 minuten intensief. Van het gezelschap van de avond ervoor is verder niks meer te zien behalve hun pootafdrukjes.

2-12-'10

De mini-Nijl

Na de stille dagen in de woestijn rijden we weer richting de vruchtbare Nijl. We kennen de theorie dat de Nijl het land eromheen vruchtbaar maakt. Toch is het werkelijk zien van de plotselinge overgang van het grote niks in de woestijn naar de kleurenpracht hier heel indrukwekkend. Alleen de breedte van de Nijl vinden we absoluut niet ontzagwekkend. Marlous heeft de kaart in handen en zegt dat dit toch echt de Nijl is ondanks de protesten van Gerard. Dan komen we bij een andere veel bredere stroom. Natuurlijk is dat de echte Nijl. We rijden langs de Nijl door naar de campsite midden in Luxor. Hier is het wederom een weerzien van andere reizigers. Gelukkig was de vergissing met de Nijl niet een typisch vrouwen-en-kaartlezen probleempje, het blijkt dat zo'n beetje alle overlanders de kleine stroom in eerste instantie voor de Nijl te hebben aangezien. Eensgezind dopen we de kleine stroom de mini-Nijl.

3-12-'10

Los in Luxor

In Luxor ligt het echt vol met tombes en tempels van farao's die wij alleen uit sprookjes kennen. Op 1 van de dagen die we spenderen in Luxor bezoeken we de Karnak tempel die wederom ook te zien is in Lawrence of Arabia. Weer verzuchten we dat we die film echt moeten bemachtigen. Waar we bij de piramides een beetje een desillusie hadden is dat bij deze tempel het tegenovergestelde. Het detail en de immensheid van de 3000 jaar oude tempel is zo indrukwekkend in het licht van de ondergaande zon. Rustig zitten we te kijken naar de veranderende kleuren van het oude gesteente.
Natuurlijk zijn ook hier weer politieagenten te vinden met hun roep om "baksheesh", een fooi. Af en toe proberen we het ons voor te stellen dat de politie in Nederland bij Madurodam hetzelfde zou doen. Het klinkt ons hilarisch in de oren. Maar we laten de roepende mannen deze keer niet onze ervaring bij de tempel verpesten.
Nagenietend van de indrukken in de tempel lopen we terug naar de campsite. We merken wederom op dat de houding van de gemiddelde Egyptische man tegenover Marlous niet echt fijn is. Egypte is het eerste land waar de mannen bizar vervelend tegen Westerse vrouwen zijn. Waar het manvolk in Syrie en Jordanie respectvol afstand houden tot vrouwen is dat hier in Egypte helaas anders. Als Gerard zich omdraait moet Marlous de irritante Egyptenaren bijna van zich afslaan. Het gezegde dat alles went behalve een vent, kun je hier wel heel letterlijk nemen.

4-12-'10

Foto's met een verhaal

De dag erna gaan we op pad samen met onze Nederlandse buurjongen op de campsite. Rene is met zijn Landcruiser op de terugweg van zijn trip door Afrika. Dit is de eerste ontmoeting met iemand die 1 van onze mogelijke routes omgekeerd heeft gereden. Samen lopen we 's middags over de Oost-bank van de Nijl richting de pont die ons naar de West-bank zal brengen. Voor Marlous is het leven een stuk makkelijker met het schild van 2 blonde mannen. De gebruikelijke smakgeluiden en het geloer zijn compleet verdwenen.
Het is behalve handig ook gezellig om een keertje samen met een andere reiziger op pad te zijn. Rene is zeer bedreven in de afdingsport die in Egypte gewoon deel uitmaakt van het dagelijks leven. Vol enthousiasme staat hij een half uur de prijs te bedingen van onze lunch. Volgens ons kost het hele proces bijna net zoveel calorie├źn als dat de broodjes bevatten, maar het was voor ons wel een goede les in afdingen.
Rustig wandelend begeven we ons vanaf de ferry richting de koningsvallei. Helaas blijken we de afstand verkeerd te hebben ingeschat. Na een uur moeten we nog 5 km lopen. We besluiten een taxi aan te houden. En dan begint het spelletje van afdingen weer opnieuw. Zowel wij als Rene zijn echt niet van plan de toeristen versie van de prijs te betalen. We snappen natuurlijk wel dat onze postie niet zo heel sterk is door onze inschattingsfout van de afstand. Maar we zijn nog steeds geen wandelende geldboompjes zoals ze hier inmiddels hopen. 3 taxi's verder hebben we succes bij een minibus. De bus rijdt met passagiers en al een flinke omweg om ons af te zetten. We concluderen dat we nog steeds heel ruim hebben betaald, maar we hadden wel de grootste lol met de passagiers.
De graftombes nog compleet met alle gekleurde schilderingen en uitgehakte figuren zijn overweldigend. Vanwege de schoolse bordjes 'no foto' voelt het als een uitdaging om toch enkele foto's (uiteraard zonder flits) van de binnenkant van de tombes te schieten. Om uit het zicht van de bewaker te komen die ons ongevraagd schaduwt besluiten we dat Rene wat gaat treuzelen zodat wij stevig door kunnen lopen. Terwijl de gids letterlijk in de stress schiet van deze maneuvre hebben wij onze foto's al te pakken. Maar zo snel komen we er niet van af. Omdat hij vermoedt wat er gaande is grist hij de camera uit Rene z'n tas om de foto's te bekijken en eventueel te wissen. Na een flinke woorden wisseling, en een camera die in de chaos van hand naar hand gaat, heeft Rene uiteindelijk zijn camera weer in de hand terwijl de batterij in Gerard zijn broekzak zit. Sorry gids, de batterij is leeg. Een mooi verhaal en een niet bijster bijzondere foto rijker wandelen we de tombe weer uit.

5-12-'10

Brood bakken in de bakkerij

De volgende ochtend gaat Gerard op pad om vers brood bij een bakkerij te halen. Hij sluit keurig achter in de rij aan. Dan wenkt er iemand dat hij ook wel binnen mag kijken. Dat laat Gerard zich geen 2 keer zeggen. Na bij de achterdeur te zijn aangekomen krijgt hij een complete rondleiding door de bakkerij. De bakkers laten de oven zien waar het brood op een lopende band door enorme gasvlammen word bestookt. Als machinebouwer is het altijd mooi om een stukje mechanisatie van dichtbij te zien. Dan komen ze bij de plek waar het deeg tot broden wordt gevormd. Vanuit grote bakken met dun deeg gooien twee jongens soepel kleine hompjes deeg op een plaat. Als Gerard het ook probeert staat hij tot grote hilariteit van de bakkers te stuntelen met twee vol met deeg geplakte handen. Uiteindelijk lukt het hem toch om de nodige broden te produceren.
Op de camping zitten ondertussen meerdere mensen te wachten op het brood dat Gerard gaat brengen. Marlous grapt tegen Rene of het brood nog gebakken moest worden. Ze weet niet hoe dicht ze bij de waarheid zit. Als Gerard eindelijk terugkomt doet hij het hele verhaal waarna hij met de deegresten nog aan zijn handen, vol trots de broden uitdeelt.

6-12-'10

Egypte even helemaal zat

We hebben nog 5 dagen te gaan voordat we ons moeten melden bij de boot die 1 keer per week naar Sudan vaart. Met de kaart erbij, plannen we een mooie omweg langs de zee. Maar Egypte zou Egypte niet zijn als 1 van de roadblocks niet roet in het eten zou gooien. We mogen de route naar de zee niet rijden volgens de lijzig glimlachende tourist-police. Met de woorden "way problem" maakt hij het duidelijk. Ondertussen zien we de Egyptische families rustig doorrijden. We beginnen de tourist-police in het Zuiden bere-zat te worden. Onder het mom van veiligheidsmaatregelen probeert de Egyptische regering toeristen als een kudde schapen door het land te loodsen. Er is hier echter in geen jaren meer een incident/overval geweest en door de jaren heen lijkt het meer een gewoonte geworden dat toeristen zich niet vrij mogen bewegen dan dat het nog maar iets met veiligheid te maken heeft. We besluiten ons geluk op een andere route richting de kust te proberen. Als bij het volgende roadblock zelfs de politieagenten kusmondjes maken naar Marlous, dan knapt er iets bij ons. We schelden eens flink op Egypte, hierbij gebruiken we taal die we hier niet kunnen herhalen en zijn Egypte even flink zat. Het is een prachtig land, maar de houding tegen toeristen en tegen Westerse vrouwen is zo belachelijk.
Die avond vinden we wonder boven wonder toch een mooie vallei om te overnachten. De stress over het manvolk in Egypte is ook weer gezakt en we genieten weer van de rustige woestijn. De kust die vermoedelijk ook geterroriseerd wordt door de toeristenpolitie laten we lekker voor wat hij is. We nemen het besluit de laatste dagen in Egypte in de woestijn te blijven.
We graven de reisgids van Sudan alvast naar boven in de bus en blikken onder de sterrenhemel vast vooruit. Met Sudan in het vooruitzicht, waar we alleen maar positieve verhalen over horen, verlangen we naar dit land waar buiten de overlanders weinig toerisme bestaat. Alle mensen die nu terug komen rijden spreken vol enthousiasme over het vriendelijke land en zijn inwoners. Natuurlijk zijn we beducht voor het referendum met betrekking tot de onafhankelijkheid van zuid Sudan welke in januari gehouden zal worden. De uitslag zou de huidige stabiliteit in het land (met uitzondering van het westen) misschien weer omver kunnen gooit. Dit speelt in principe niet in het Noorden waar we doorheen gaan rijden, dus in zover zijn we gerustgesteld, maar toch.
Omdat alle landsgrenzen in het zuiden zijn gesloten moeten we voor we Sudan in kunnen rijden op een boot die de 200 km lange oversteek via de Nijl naar Sudan maakt. De Bus en helaas ook Bronco moeten op een aparte pont die net als de personenboot de oversteek in zo'n 17 uur gaat maken. Dit is Afrika waar die dingen niet echt een dienstregeling volgen dus we zijn benieuwd hoe dit gaat verlopen.