English translation

Jordanië

05-11-'10

Weer terug in de moderne wereld

In Syrië was het alsof we plots 100 jaar terug in de tijd waren gedropt. Dat is over als we aan de Jordaanse kant van de grens komen. Hier moet ook wel veel papierwerk verricht worden, maar nu allemaal weer zonder corruptie en smeergeld. We rijden na alle grensperikkelen Jordanië in op zoek naar een camping om een paar prutteldagen te houden. Aangekomen bij de enige camping die in de reisgidsen staat aangegeven, hoog in de bergen krijgen we een verassing. De prijs is verhoogd van ong 5 euro (uit de reisgids) naar 27 euro per nacht. Dat vinden we echt teveel voor een camping in de middle of nowhere met verder niks. Deze man wil echter voor de verandering eens niet onderhandelen over de prijs. We rijden verder en installeren ons aan een rivieroever tussen de Jordaanse families die hier aan heb bbq-en zijn. Het verschil tussen ons en de families is dat wij keurig ons afval verzamelen en dat zij alles letterlijk van zich afgooien. Als er een vriendelijke jongen een praatje komt maken smijt hij zelfs een leeg flesje wat in de deuropening van de bus staat met een grote boog in de rivier, zo doen we dat hier... We proberen ons niet te storen aan het enorme afvalprobleem hier in het midden Oosten. Maar het is toch wel erg jammer om te zien dat het prachtige landschap overal wordt verpest door de grote hoeveelheden afval. Van sommige boeren vermoeden we dat ze plastic zakken verbouwen op hun akkers.
Wanneer we de dag erop Amman binnenrijden zien we een westerse stad. Hier wordt wel alle afval opgeruimd en het ziet er allemaal erg Westers uit. Voor het eerst spotten we een gigantische Carrefour. Na Bulgarije hebben we geen grote supermarkt meer gezien. Dus beginnen we te trappelen van ongeduld om bij dit ware shoppingparadijs te komen. We moeten door een metaaldetector om binnen te komen, maar dan zijn we ook in de modernste shoppingmal die je je kan voorstellen. We slaan een enorme hoeveelheid spullen in waaronder ook hondenvoer. Bronco at alweer een hele week met de pot mee, dus we zijn blij weer hondenvoer gevonden te hebben. Gerard parkeert de Bus voor de ingang en we beginnen met het wegstoppen van al het eten, het vullen van de jerrycans en het vastbinden van 2 van de 3 zakken hondenvoer op de imperial. Waarschijnlijk kunnen we pas in Ethiopie weer hondenvoer vinden en misschien nog in Cairo, maar daar gokken we niet op. De bewaker wordt wat zenuwachtig van die toeristen die rustig de hele bus aan het verbouwen zijn voor de deur. Wij hebben geloof ik onze schaamte laten liggen in Nederland want we maken ons er niet druk om. Als we enkele dagen later andere overlanders tegenkomen heeft niemand het over de bezienswaardigheden in Amman, iedereen is vol van de aankopen bij de Carrefour.

06-11-'10

Fly beach

De tegenstelling tussen het moderne Amman en de rest van Jordanië is groot. Buiten de steden zie je veel nomadententen en kuddes met geiten en schapen met daarbij hoeders die er waarschijnlijk 200 jaar terug ook zo uitzagen. Wij zijn op weg naar de dode zee. Via een woestijnachtige bergweg die soms zo steil is dat we terug moeten naar de 1e versnelling zien we de dode zee verschijnen. Zelfs nu we in de bergen rijden zitten we al ver onder zeeniveau, de dode zee is namelijk het laagste punt op aarde. De GPS geeft -23m aan terwijl wij ons voelen alsof we hoog in de heuvels staan.
De dode zee vormt een deel van de grens tussen Jordanie en Israel. Daarom moeten we door een checkpoint waar ons nors gevraagd wordt waar we heengaan. Dat weten we nog niet, maar ons antwoord "Looking for a campsite" wordt geaccepteerd. We zijn wel erg toe aan een camping om de was te doen, te douchen en gewoon te relaxen maar dat is ons niet gegund. Buiten wat resort hotels en een boel legerbasissen is de kust van de dode zee totaal verlaten. We hebben echt onze eerste dag deze reis dat we elkaar niet begrijpen en om elk wissewasje weer in een discussie verzanden. Toch vinden we een plek waar we de dode zee in kunnen. Mokkend drijven we 10 meter uit elkaar in het zoute water. Marlous merkt dat je benen scheren een dag voor je in de dode zee springt een extreem pijnlijke ervaring is. Als we tussen het afval door weer omhoog klimmen naar de bus spreken we ons ongeloof over de "gooi je afval maar van je af" cultuur maar weer eens uit. Het afval komt gewoon op ons af. Het is zo'n prachtig land maar elke plek waar mensen neerstrijken verandert in een vuilnisbelt. Het lijkt de Jordanen niks te doen, maar voor ons is het net even de druppel die de emmer doet overlopen op een toch al niet zo'n leuke dag.
De vele vliegen die avond zijn maar moeilijk te verjagen. Maar het is nog niks vergeleken bij de hordes vliegen de volgende morgen. Nadat we ons ontbijt met zo min mogelijk spullen hebben klaargemaakt proberen we happen te nemen van ons eten zonder een vlieg binnen te krijgen. Het lukt niet en dus veranderen we de strategie. We houden een lopend buffet. Een lopend buffet in de meest letterlijke vorm dan. We dribbelen met ons drieen van links naar rechts over het strand met ons eten en drinken in de hand. Snel doen we de afwas en gooien de was in de week in de "wasmachine". We moeten maar even accepteren dat we voorlopig geen camping gaan zien. In plaats van vechten tegen elkaar is het nu weer samen vechten tegen de vliegen geworden. We weten niet waarom, maar het is weer gezellig tussen ons. Gierend van het lachen om de dwaze situatie dopen we het strand Fly beach en we weten niet hoe snel we op de vlucht moeten slaan voor de vliegenplaag.

07-11-'10

Geheel gesluierd te water

Na het dode zee debacle zijn we toe aan een dag ontspannen. Daarom rijden we naar Hammamat Ma'in, oftwel de thermale watervallen. In het verder geheel droge gebied ligt een soort oase die is omgebouwd tot een Jordaanse centerparcs. Er lopen 2 soort mensen, de westerse toerist en de rijkere Jordaan. Voor een dagje voelen we er ons wel thuis.
Er zijn 3 watervallen. De eerste is een familie waterval. Daar mag Gerard alleen onder begeleiding van een vrouw naar binnen... De tweede is de publieke waterval, daar mag iedereen in en de laatste is de vrouwen waterval. Maar daarover later mee. De familiewaterval is ruim 50 graden. Het duurt 5 minuten voordat we uberhaupt met onze enkels onder water kunnen. Vlees wordt al gaar op 60 graden dus we voelen ons 2 kreeftjes die levend gekookt worden. Als we er uit komen suizen onze oren en gaan we bijna tegen de vlakte. We kunnen ons niet voorstellen dat dit in Nederland toegestaan is. Maar nadat we weer zijn bijgekomen genieten we wel van ons dagje uit. Wat een genieten is dit. Bovendien lijkt het alsof je interne thermostaat even gereset is, de buitenlucht die eerst bloedheet aanvoelde lijkt nu verfrissend. Marlous begint zich ondertussen te verheugen op de dameswaterval. Zoveel voordeeltjes heb je hier niet als vrouw in een moslimland , maar dit is er eentje dan. Een waterval extra dus voor Marlous. Vol verwachting loopt ze dan ook richting de vrouwenafdeling. In tegenstelling tot de rest van de bronnen is deze zwaar ommuurd. Als ze de deur naar de waterval opent ziet ze in plaats van de natuurlijke baden bij de rest van de watervallen een betonnen bak met donker water. Tot zover de vrouwenwaterval...
's Avonds koken we ons potje op de picknickplaats van het resort. Na het eten drijven we nog even in de romeinse baden en douchen ons grondig. Na meer dan een week geen douche gezien te hebben, zijn we tot in de diepste porien gereinigd. Ons vel voelt week aan en we blijven maar voelen aan ons schone zachte haar. Dit resort was elke Jordaanse Dinar waard.

09-11-'10

Op de oprijlaan van King Baldwin

Dan gaan we op pad richting het zuiden van Jordanie. Daar liggen de attracties van Jordanie die de reden waren dat we de route door het midden Oosten hebben gekozen. Op de route stikt het van de huurauto's met daarin veel Nederlanders maar ook andere mensen die net als wij langer op reis gaan. Via wegen met klinkende namen als Desert highway en Kings highway rijden we eerst naar 1 van de kastelen die gebouwd zijn door de kruisvaarders. Voor de meesten moet je betalen maar voor degene die wij uitzoeken niet. We rijden langs de voet van de berg waarop het kasteel staat en zien de parkeerplaats. We besluiten echter gebruik te maken van de oprijlaan van King Baldwin. Die blijkt iets steiler als verwacht maar we redden het en de bus rijdt in zijn 1 rustig naar de ingang van het kasteel. In het kasteel gebeurt wat ons immer en altijd gebeurt bij grote bezienswaardigheden. Marlous raakt gefassineerd door iets en Gerard door heel iets anders en binnen 5 minuten zijn we elkaar alweer kwijt zonder dat we merkten waar we elkaar gelost hebben. Terwijl Marlous ronddoolt door de overblijfselen van de vele zaaltjes daalt Gerard af door een honderden meters lange stikdonkere escape-gang. Normaal vinden we elkaar wel weer terug, maar de geografie van dit kasteel is bijzonder lastig. We weten niet hoe de kruisvaarders dat vroeger deden. Maar wij lopen als peppi en kokkie achter elkaar aan. Een uur later maakt een politieagent Marlous die als eerste terug is bij de bus duidelijk dat de bus niet voor de poort van het kasteel mag blijven staan. Maar ze past de beproefde, ik begrijp geen Engels techniek toe, dus de bus blijft keurig staan. Even later is Gerard ook weer boven water en kunnen we op weg gaan naar Petra.
Bij het bijna wereldwonder volgt een bijzondere reunie, waarover in het volgende reisverhaal meer.